Op 29 april 2011 presenteerde de KZ-Gedenkstätte Dachau het ‘Gedenkbuch für die Toten des Konzentrationslager Dachau’ in aanwezigheid van een 200-tal gasten. Vier jaar onderzoek ligt aan de basis van het boek dat 1312 pagina’s telt. Het bevat een oplijsting van alle dodelijke slachtoffers van kamp Dachau en de verschillende subkampen. In totaal gaat het om 33.205 namen die in het boek zijn opgenomen. Van elk slachtoffer zijn volgende gegevens opgenomen: naam, beroep, nationaliteit, geboortedatum en -plaats, woonplaats en overlijdensdatum. Ook de in Dachau of in de subkampen overleden Mollenaars zoals bijvoorbeeld Fernand Nonnon en Emiel Vandenbergh zijn in het boek opgenomen. In totaal hebben meer dan 41.000 mensen hun leven gelaten in Dachau. Van een achtduizendtal slachtoffers zijn er dus geen namen beschikbaar.

Het boek is niet te koop. Er zijn slechts een 150-tal exemplaren geproduceerd die vooral bestemd zijn voor diverse onderzoeksinstellingen over de hele wereld. Toch waren de mensen van de KZ-Gedenkstätte Dachau, en in het bijzonder de hoofdarchivaris Albert Knoll, zo vriendelijk mij een exemplaar over te maken.

Mensen die graag willen nagaan of een bepaalde naam in het boek is opgenomen, laten best een bericht achter.

Foto genomen tijdens de voorstelling van het 'dodenboek van Dachau' op 29 april 2011 in Dachau

De verschijning van het Dodenboek van Dachau komt dan toch dichterbij. Op 29 april 2011, naar aanleiding van de 66ste verjaardag van de bevrijding van het concentratiekamp, wordt het voorgesteld in de Kinozaal van KZ Dachau.

De voorstelling zal omkaderd worden met volgende sprekers:

- Mevrouw Dr. Gabriele Hammermann, hoofd van de KZ-Gedenkstätte Dachau

- Mijnheer Karl Freller, directeur van de Stiftung Bayerische Gedenkstätten

- Mijnheer Pieter Dietz de Loos, voorzitter van het Comité International de Dachau (CID)

- Mijnheer Dr. Michael Roik, Ministerialdirigent bij de  Beauftragten der Bundesregierung für Kultur und Medien

- Mijnheer Dr. h.c. Max Mannheimer, Vice-voorzitter van het CID en overlevende van het KZ Dachau

- Mijnheer Albert Knoll, hoofd van de archiefdienst van het KZ en projectleider van het gedenkboek 

Foto van 30 april 1945, een dag na de bevrijding van KZ Dachau. Amerikaanse soldaten vinden lijken in de open beestenwagens van een transport dat is aangekomen vanuit KZ Buchenwald

Bevrijding van Mol herdacht

september 12, 2010

Op 13 september 1944 werd Mol bevrijd door de geallieerde troepen. Traditiegetrouw wordt de bevrijding van Mol herdacht door een bloemenneerlegging aan de graven van de gesneuvelde Britse soldaten. Die bevinden zich op de oude begraafplaats van Mol-Centrum, de begraafplaats van Achterbos, Sas 6 en Postel. Ook dit jaar, op 11 september, werd een bezoek gebracht aan de graven.

Op het moment dat Mol werd bevrijd waren quasi alle Mollenaars die gedeporteerd werden naar de Duitse concentratiekampen, nog in leven. Voor hen zou de bevrijding nog een achttal maanden op zich laten wachten, al konden maar enkelen dat echt aan den lijve ondervinden. Het gros van hen liet het leven in de nazikampen.

Herdenking bevrijding van Mol - bloemenneerlegging op de begraafplaats van Achterbos

Op 9 november 2010 verschijnt het lang verwachte dodenboek van KZ Dachau. Het boek zal de namen bevatten van de gevangenen die in Dachau en de bijkampen het leven lieten. Het gaat om 41.500 mensen. Ook de naam van grootvader Emiel Vandenbergh zal in het boek worden opgenomen. Toen ik, naar aanleiding van het boek Ieder het zijne, contact legde met de archiefmedewerker van de KZ Gedenkstätte Dachau, Albert Knoll, meldde hij mij dat de naam van grootvader niet voorkwam op de lijst. Toen we samen verder op zoek gingen was daar een plausibele verklaring voor. Grootvader arriveerde in buitenkamp Allach, zo wat 10 kilometer van Dachau, op 19 april 1945 na een reis van zes dagen en nachten in een open beestenwagen vanuit KZ Laura in Schmiedebach. Op dat moment werd de dodenlijst in de buitenkampen niet meer geactualiseerd. Ooggetuigen hebben kort na de bevrijding verklaard dat grootvader in de ziekenboeg van Allach op 27 april 1945 overleden is. Knoll vroeg mij afschriften van deze ooggetuigendocumenten en een overlijdensattest. Dat was voor hem in ieder geval een voldoende voorwaarde om grootvader op te nemen in het Dachau dodenboek. De gevangenen die kort voor de bevrijding (Allach werd op 30 april 1945 bevrijd) het leven lieten, werden in massagraven op de Leitenberg begraven. Ook grootvader kent daar zijn laatste rustplaats. Vol verwachting wacht ik op het verschijnen van het boek: opnieuw een moment om de herdenking aan onze geliefde doden levend te houden.

De bevrijders van Dachau treffen talrijke doden aan in het concentratiekamp, onder wie grootvader Emiel Vandenbergh in subkamp Allach. De lichamen werden in massagraven begraven op de Leitenberg.

Vanmorgen, 28 juli 2010, werd de homepage van de website van de Gedenkstätte Buchenwald (www.buchenwald.de) gehackt door neonazisten.  ’Wir kommen wieder…’ was te lezen als je meer informatie zocht over het voormalig fascistisch concentratiekamp. Of hoe mensen er vandaag nog steeds in slagen om zout te strooien in diepe wonden die in families anno 2010 nog steeds aanwezig zijn. Vandaag is  dus spijtig genoeg opnieuw aangetoond dat niet de geschiedenis, maar de mens zich steeds herhaalt.

Naar aanleiding van de 65ste verjaardag van de bevrijding van Buchenwald op 11 april 2010, ontsluit de Gedenkstätte op digitale wijze het dodenboek van het kamp. Een intelligente zoekmachine laat je toe het boek te doorzoeken op naam, geboorteplaats of gevangenennummer. Je kan het digitale boek vinden via www.buchenwald.de/totenbuch

Hoewel ik vastbesloten was geen vierde druk van het boek te overwegen, moet ik op mijn stappen terugkeren. Te veel mensen bleven me naar het boek vragen. Vanaf volgende week woensdag, 23 december, zal het boek opnieuw beschikbaar zijn. Je kan het werk verkrijgen bij Dagbladhandel ‘t Pleintje in Mol-Ginderbroek of op het gemeentearchief, Molenhoekstraat 2 in Mol. Niet-Mollenaars kunnen mij ook een mailtje sturen op erwin.vandenbergh@telenet.be. Het boek kost 15 euro, bij verzending 18 euro.

Het boek Ieder het zijne. Frans Emiel Vandenbergh en andere Mollenaars in de Duitse concentratiekampen is uitverkocht. De laatste exemplaren gingen de deur uit tijdens de tentoonstelling ‘Beelden uit Buchenwald’ in cultuurcentrum ‘t Getouw in Mol. In totaal vonden 500 boeken een lezer, wat deugddoend is.

Het belangrijkste is en blijft dat we het laatste levensjaar van onze pater familias in kaart hebben kunnen brengen en op die manier ook kunnen overleveren aan de komende generaties. Het verleden begrijpend om de toekomst te vormen.

Emiel Vandenbergh (°1953) en Emiel Vandenbergh (°2003), de twee naamgenoten van grootvader

Na de derde druk (oktober 2009) is er nog maar een tiental exemplaren beschikbaar van het boek Ieder het zijne. Frans Emiel Vandenbergh en andere Mollenaars in de Duitse concentratiekampen. De laatste exemplaren zijn nog te verkrijgen op de tentoonstelling Beelden uit Buchenwald in cultuurcentrum ‘t Getouw, Molenhoekstraat 2 in Mol. De expo loopt van 7 tot 29 november 2009 en is elke dag gratis te bezoeken tussen 13.30 en 16.30 uur. Een vierde druk van het boek wordt niet overwogen.

JedemDasSeine04

Na Israël, de Verenigde Staten, Polen en Luxemburg ontvangt nu ook het Belgische Rijksarchief digitale kopies van relevante data uit het archief van de International Tracing Service (ITS) van Bad-Arolsen. Op 13 oktober nam het Rijksarchief de kopies in ontvangst. Jean-Luc Blondel, directeur van het ITS, licht toe over welke data het gaat: “Het Belgische Rijksrachief beschikt nu over documenten die handelen over de repressie tegen weerstandsactiviteiten, de uitbuiting van Belgische dwangarbeiders en de vervolging van Joden en andere minderheidsgroepen.”

Binnen een paar maanden zal het Rijksarchief de documenten ter beschikking stellen voor het grote publiek.

ITS

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.